Uitleg
VCA is in Nederland ontstaan om opdrachtgevers een gemeenschappelijke maatstaf te geven voor de veiligheid van aannemers en onderaannemers. Een certificaat laat zien dat een bedrijf veiligheid structureel organiseert, in plaats van dat elke opdrachtgever dat zelf apart toetst. Je ziet het veel in bouw, industrie, installatie en infra.
Er bestaan varianten voor bedrijven, met verschillende niveaus afhankelijk van de rol van het bedrijf, en diploma's voor personen, zoals basisveiligheid voor uitvoerenden en een variant voor leidinggevenden. Een certificerende instelling beoordeelt het bedrijf en het certificaat wordt periodiek opnieuw getoetst.
In de praktijk draait VCA om dingen die je ook zonder certificaat zou willen hebben: een RI&E, TRA's en LMRA's, toolboxen, inspecties, instructies, opleidingen en incidentregistratie. Of een opdrachtgever VCA vraagt, en welk niveau, is zijn keuze. De actuele eisen vind je bij de beheerder van het schema.
Voorbeeld uit de praktijk
Een onderaannemer die voor een industriële opdrachtgever wil werken, hoort dat een VCA-certificaat vereist is. Hij voert interne controles en toolboxen uit, richt zijn RI&E en TRA in en laat zich door een certificerende instelling auditen.
© 2026 BrydgeOne. Algemene informatie, geen juridisch of ander professioneel advies. Aan deze uitleg kunnen geen rechten worden ontleend.
